Zweden: Wat.Een.Land

Moeders en reizen. Ik durf erom te wedden dat weinig moeders hier te lande en elders de dag voor de gezinsvakantie zorgvuldig op beeld vastleggen. Ze hebben het immers veel te druk met het bewaren van hun kalmte en het blussen van krachtige en plotseling hoog oplaaiende huishoudelijke brandjes.

Bij mij herhaalt zich in elk geval telkens weer hetzelfde scenario: Er wordt eindeloos gezaagd, gezeurd en geruzied en ik krijg het plots niet helemaal helder meer in mijn hoofd: Lees, ik denk dat ik de logies niet goed heb geregeld, dat ik me van datum heb vergist, dat de auto in panne zal staan, dat de beesten en de moestuin thuis zullen verkommeren, dat we nooit heelhuids zullen terug raken.

Noodzakelijke items als passende schoenen, sandalen waarvan de stikking met meer dan 1 wankel draadje vasthangt – wij zweren bij Salt Waters voor de meisjes, de jongens gaan voor Teva’s – , voldoende draagbaar ondergoed en een regenjas en helm voor elkeen blijken plots onvindbaar, tot op de draad versleten of hopeloos te klein.

Manlief zorgt ervoor dat dit uiteindelijk gefixt raakt en laadt met militaire precisie de fietsen op de aanhangwagen. Oude dekens en sporttassen in plastic zakken zorgen dat de lading netjes op zijn plaats blijft. (Ik heb me er al over gezet dat dit niet netjes onder een waterdicht zeiltje kan.)

Ik maak steevast een retourtje boekhandel op die laatste dag voor een nieuwe roman (naast de stapel uit de bib), een Eos en een Knack (met een handig overzicht van de Spelen) en wat raadsel- en sudokomateriaal voor de kroost.

De dag van vertrek klaart de hemel meestal op en is er enkel nog de niet te vermijden evidente vraag (x 1000): ‘Is het nog ver?’, ‘Wanneer gaan we eten?’, ‘Mag de kinderlijst op?’.

Voor onderweg verloor ik het pleit van manlief en mag er op de gsm gegaapt worden. We downloaden een aantal films, zorgen dat er ook lees- en raadseloplosmateriaal aan boord is en reizen zo eigenlijk vrij comfortabel. Dit jaar hadden we voor het eerst ook onze tophond Ollie bij waardoor ‘hondje-aaien’ als extra auto-activiteit kon worden toegevoegd. Daarnaast waren lange sessies ‘Jogclub’- en ‘Running Crew’- podcasts en olympische intermezzo’s via de Sporza-app.

Waarheen?

Onze hoofdbestemming was dit jaar Zweden. Maar eerst ging het via Duitsland.

We vonden een fijne Airbnb in het Bundesland Brandenburg. Een intrigerende plek. Toegegeven, bij aankomst had ik heel even het gevoel dat ik in een scène uit een dystopie (à la ‘The Road’ van Cormac McCarthy) terechtgekomen was. Denk aan: regen, een hijgende, corpulente buurman en sleutelbezorger die door zijn knieën gaat in de keuken om de elektriciteit aan te leggen terwijl ik twijfelde tussen de man een helpende hand aanbieden of er vandoor gaan, ijzeren binnendeuren die een griezelig knerpend geluid maken en muizenvallen die klaarliggen op het keukenschap, om nog maar te zwijgen over de ‘Grillplatz’ met hoog opgehoopte – en dus dringend op te ruimen – as in de schaduwrijke achtertuin die me deed denken aan een uit de hand gelopen schranspartij met mensenvlees.

Soit, de regen gaf het op, voorbij de ashoop bleek een alleraardigste aanlegsteiger te liggen en een excellent roeibootje. De kinderen maakten grapjes over dikke muizen in de vallen en stonden in de rij om het bootje uit te testen.

We zaten aan een zijarm van de Havel en hadden uitzicht op een rustig panorama van mensen die op een (woon)boot vakantie hielden en aan dek genoten van een rustige avond. Een deeltje van de wereld waar ik eigenlijk nog nooit veel gedachten aan heb gewijd.

We genoten van enkele dagen grillen, wandelen, varen, vissen, lezen en fietsen en vierden de 13e verjaardag van grote zus met een rijtje kaarsen op een lekkere barbecueworst. Ik kreeg het kroostje uiteindelijk zelfs zo ver dat ze na een voormiddag klimparcours tot een rondje Teufelsberg te verleiden waren – een kunstmatige heuvel van waaruit je Berlijn kunt zien – ik bespaar je de historische uitleg en geef enkel nog mee dat er prachtige graffiti te zien is en dat er heel lekkere koffie is.

Veerboot

Zweden dan. Met de ferry dan nog. Via Polen dan nog.

Op zulke momenten ben ik eigenlijk enkel ‘autovulling’ en probeer ik zo weinig mogelijk te zeggen. Ik ben ervan overtuigd dat we de weg niet zullen vinden op de haven, dat de hond niet zal mee mogen of zoek zal raken, dat ik de paspoorten van de kinderen kwijt zal zijn of erger nog dat we schipbreuk zullen leiden. En ik voel niets dan bewondering voor manlief die kalm in de rij staat, kleine broer tot een extra uitlaatbeurt voor Ollie weet te overhalen, sust en blust en geduldig vragen beantwoordt.

Het all-you-can-eat-buffet bleek best smakelijk en het nachtje in de kajuit verliep vlot. Ollie wilde niet op het hondentoilet , mocht niet in de restaurantsectie op de boot en was daardoor wat de kluts kwijt. De zachtmoedigste dochter vertrouwt me toe dat ze de hele nacht gedacht heeft dat de boot zou zinken. Het deel van onze kinderschare dat altijd extra aanmoediging nodig heeft voor tanden poetsen en verse kleren aantrekken, maakt schaamteloos misbruik van die ene reistas die we tussen de 2 kajuiten heen en weer dragen en verschijnt aan het ontbijt in een multifunctionele slaap-, eet- en leefoutfit. Maar voor de rest is deze manier van reizen meer dan ok.

Een uurtje na aankomst in Malmö is het heel erg stil op de achterbank en haalt de voltallige kroost nog minstens een uur slaap in.

Het huisje in Zweden is super goed uitgerust. Als ik het trekkertje in de douche zie hangen en de zeer nette slaapkamers in het oog krijg, zie ik even rampscenario’s van schadeclaims via Airbnb – wegens te hard geleefd – voor mijn geestesoog verschijnen. En had ik eigenlijk wel meegedeeld dat we een hond bij hadden?

Die zorgen blijken onterecht. Het gaat hier gewoon om een netjes onderhouden zomerwoning van een familie die hier duidelijk een deeltje van zijn hart mee naartoe gebracht heeft en via Airbnb een cent wil bijverdienen.

We hebben een prachtig houten terras, een magnifiek zicht op het meer en opnieuw een eigen aanlegsteiger en bootje. Het zwemmen laat ik aan de kinderen over wegens veel te koud zonder wetsuit voor een koukleum als ik.

Dit verblijf is zo waardevol en louterend. De kinderen en manlief zijn in hun sas. De omgeving nodigt uit tot eindeloos wandelen en fietsen en ook voor de looptrainingen van grote broer blijkt dit een heerlijke plek.

Voor Ollie kochten we een fietsmand voor de bagagedrager. Onze lieve vriend is er niet dol op en laat zijn ongemak af en toe horen. Toch kan hij zo op een comfortabele manier mee de hort op en zolang je vooraan fietst vindt hij het eigenlijk best ok.

Hoe geregeld?

Tijdens onze zomerreizen laat ik eigenlijk heel veel gewoon op me afkomen. Ik ga op voorhand niet eindeloos activiteiten uitpluizen en uitstippelen. Manlief kan vlot overweg met Komoot en heeft heel veel meer aanleg dan ik voor het uitstippelen van haalbare activiteiten. Soms denk ik dat dit compensatiegedrag is voor het feit dat ik schoolcontext altijd alles tot in de puntjes op voorhand geregeld wil en moet hebben.

Soit, voor ons werkt het prima en het brengt me vaak veel onverwacht schoons. Tijdens ons dagje Stockhom waar we met de trein heengingen bleek Ollie bijvoorbeeld niet welkom in het openluchtmuseum Skansen. Geen nood, kleine zus zag een middag met moeder en hond alleen wel zitten, en zo ontdekten wij met z’n drietjes de prachtige historische binnenstad en schuilden we in een heel fijn koffiehuisje voor een plotse plensbui.

Ik ging om 5 u ’s ochtends in mijn eentje wandelen, zag daarbij een tiental reeën opduiken, ging fietsen in een oranje avondgloed, vond een momentje met elk kind apart, moest me reppen om hen bij te houden op wandel- en fietstochten en had voor een keer wel genoeg tijd voor stil genieten. Van al dat prachtig jong leven rond me.

Voor grote broer ronden we straks zomer 15 al af. Hij groeit, hij leeft gretig en graag, hij effent zijn pad. Grote zus, ons zomerse zonnekind, plukt de dag met een jaloersmakende souplesse en trekt het kleinste sprotje mee in haar sprankelende kielzog. Kleine zus en kleine broer gaan straks ook al naar het middelbaar. De ene met een nieuwsgierige en soms wat onzekere blik, de andere met een zeer grote ‘oef’. Eindelijk naar het middelbaar. Eindelijk een stapje dichter bij mogen timmeren en bouwen voor de kost in plaats van enkel een alleen dat eeuwige gevecht met die moeilijke taaloefeningen.

Manlief en ik beleefden onze 18e zomer als getrouwd stel. We doen het goed, het gaat goed, want ook onderweg voelt met hem altijd als thuis aan en da’s voor mij het schoonste en meest overtuigende bewijs. Quatorze juillet is ook na 22 jaar nog altijd feest voor ons.

Met pretparken doe je mij eigenlijk geen plezier. Maar he, ook niet-wijndrinkers doen water bij de wijn. Ik ben een belabberde chauffeur en rij alleen als niet anders kan. Op reis rij ik per definitie niet. Van Stuttgart naar huis rijden in één trek was voor manlief geen optie na opnieuw een nachtje op de ferry Zweden – Duitsland. Het compromis: een stop in pretpark Heidepark .

Ik zag kinderen die plezier maakten en maakte er het beste van. Het lukte. Mag ik dan nu een bank vooruit?

Terug naar Montenegro

5 kleine kindertjes tussen de 4 en de 9 jaar oud namen we mee op onze 1e trip naar Montenegro. Dat we zouden terugkeren en blijven terugkeren wisten we toen al. Deze zomer was het zover, wij 4 jaar ouder, de kindertjes 4 jaar sterker en met ondertussen 13, 11, 2 keer bijna 10 en 8 lentes, zomers, winters en herfsten op de teller.

Het was opnieuw een prachtig, gericht schot in de roos. Wat een land is dat toch. Niet bij de deur, dat wel, maar de verplaatsing zooo waard. Een ideale bestemming voor sportieve waterratten. Logies op voorhand regelen en ter plekke gewoon zien wat de dag brengt. Hét recept voor een zo goed als zorgeloos verblijf voor ons.

De weg

Na wat gesoebat besloten we om opnieuw te vliegen. 2.000 kilometer is nu eenmaal te ver voor ons. Ik heb een hekel aan autorijden en doe alles om daar onderuit te komen (het feit dat ik 20 jaar geleden 8 keer mijn rijexamen moest doen verraadde toen wellicht al een ernstig gebrek aan talent op dit vlak) en zo ver rijden zonder (competente) co-piloot is voor manlief ook maar sneu he.

We vlogen via Parijs met een tussenstop omdat dit een stuk goedkoper was. Dit raad ik niemand aan, want dat overstappen en eindeloos door controles drentelen terwijl er altijd wel een fles, water, een schaar of iets anders in een rugzak bleef steken is gewoon stressen en doemscenario’s voor je zien van vluchten die zonder jou vertrekken.

De bergen

We deelden de stok in 2 en gingen voor een dikke week in het frissere Durmitor (alhoewel dit ook een relatief begrip bleek) en klein weekje in de buurt van Skadar Lake.

Durmitor is een bergachtig gebied waar het fijn wandelen is en waar overal zwemplekken te vinden zijn. (Gewoon de bordjes met ‘jezero’ volgen en dan raak je wel waar je heel graag wil zijn.)

Ons 1e logement bevond zich ergens in een hol van Pluto, het plaatsje Kurikuce op een 10-tal kilometer van het ski-oord Berane. Onze gastheer sprak geen woord Engels, maar genoot ervan om bij ons aan tafel te zitten, met de kinderen te ‘praten’ (‘Peter Pan is my friend’) en de frigo vol te steken met zelfgemaakt en zelfgekweekt eten (van honing, tot yoghurt, tot kaas, tot frambozen).

Daarna ging het richting Niksic. Het huisje daar was erg basic (lees een ruimte met 6 slaapplekken, een kraantje buiten en een wc in een houten kotje aan het einde van de oprit). De woning waarvan we foto’s hadden gezien bleek verhuurd aan een Duits stel met 3 kleine kinderen. De vriendelijke ontvangst van bioboer Dorde en zijn zoontje Andrea maakten echter veel goed. We vergaten dat we een ander logement hadden geboekt, doorstonden de discussies met de kinderen over wie met wie een bed moest delen, hobbelden ’s nachts met slaapdronken meisjes die dringend moesten plassen richting toilet en hadden het eigenlijk prima naar onze zin.

En dan moest Momo’s plekje nog komen. Een logement in het dal gerund door de charismatische veertiger Momo die overdag in de bouw werkt en ’s morgens en ’s avond met zijn gasten in de weer is op zijn ouderlijke boerderijtje. Hij kookte, hij kweekt vis die hij ’s avonds voor je bakt, hij regelde een voormiddag raften en hij maakte voortdurend grapjes over de lange haren van onze zonen.

Asfalt, niets van

Net als 4 jaar geleden had ik ook nu flink wat moeite met de belabberde staat van de wegen. In Durmitor is het op dit vlak zelf nog een stuk slechter dan rond Skadar Lake. Je moet hier immers geregeld over stukken weg die niet geasfalteerd zijn en ik had je al verteld dat we het hier over bergachtig gebied hadden he.

Voor de rit naar Momo’s plekje moest je 10 kilometer lang over een veldwegel vol putten. Ik liet mijn plaats op de bijrijdersstoel dan maar voor wat het was en ging op de achterbank zitten met mijn ogen toe. (Bij wijze van compromis toen manlief mijn gedrag in de auto niet langer kon aanzien.)

IK RIJ NOOIT VAN MIJN LEVEN ZELF MET EEN AUTO IN MONTENEGRO. Maar zie, ondanks het feit dat manlief achteruit moest rijden langs bergwegen die aan verraderlijke dieptes grensden, dat hij tientallen keren zijn spiegels moest inklappen om een tegenligger te laten passeren en moest draaien op plekken waar je volgens mij met een Vito helemaal niet kunt draaien kwam alles toch helemaal goed.

De 1e dag reden we ons wel vast omdat de tunnel richting 1e logement afgesloten was en ik het niet haalde in de discussie omweg van 2 uur of grindweg door het bos. Twee jongemannen die in het bos woonden en een vrachtwagentje met sneeuwkettingen hadden hielpen ons uit de nood.

Hoopoe Glamping

We eindigden onze trip in een stukje paradijs in Virpazar, Hoopoe Glamping, gerund door mijn vroegere buurjongen Matthieu en zijn partner Daria. Matthieu was vroeger kind aan huis bij ons op de ouderlijke boerderij in Vlissegem. Het was dan ook een fijn weerzien en heel leuk kennismaken met zoontje Leon.

Hoopoe is ook gewoonweg prachtig, met heel veel eerbied voor de omgeving installeerden Matthieu en Daria hier een prachtige glamping. Compleet met gerieflijke tenten, heerlijke bedden, goed onderhouden sanitair en vooral met heel veel oog voor detail.

Van de zeepjes in de douche, tot de hangmatten buiten, tot de vermelding van de naam van de tent in krijtstift, tot het uitgebreide ontbijt met groenten uit eigen moestuin en het zalige zwembad. Alles is hier gewoon helemaal af.

Matthieu biedt ook avontuurlijke activiteiten in de omgeving aan. Voor de jeepsafari bedankte ik, wegens te veel schrik en schietgebedjes in de dagen daarvoor (ik genoot van een wandeling in mijn eentje en las een boek uit aan het zwembad). Toen ik de verhalen achteraf hoorde had ik wel spijt van mijn broekschrijterij, dat wel.

De kanotocht deed ik wel en die was heerlijk. Matthieu kent de weg, is een prima chauffeur en weet op welke waterplekjes het leuk toeven is.

We komen terug, wees daar maar zeker van.

Wat we deden

We wandelen en zwommen. Ontdekten nieuwigheden en bezochten een aantal plekjes van 4 jaar geleden nog eens opnieuw. Een greepje uit het aanbod.

  • We gingen suppen aan het strand van Kotor en vierden de 11e verjaardag van grote zus Sara heel toepasselijk in restaurant Sara binnen de wallen van de oude stad.
  • In Podgorica konden we op algemeen verzoek van de kinderen niet om een bezoek aan het ‘Wild & domestic animals sanctuary‘ omheen. Struisvogels, ganzen, geiten, schapen en ezels dokkeren hier vrolijk rond. Voor 20 euro hadden we hier een toegangsticketje voor het hele gezin. Voor 2 euro extra een grote schaal groentes die je aan de dieren mocht aanbieden. De aanwezige vrijwilligers zijn oprecht begaan met hun dieren. In de vier jaar sinds we hier voor het eerst waren zijn er ook best wel wat inspanningen gedaan om het park te verfraaien.
  • Raften op de rivier de Tara stond ook hoog op het verlanglijstje van de kinderen. Dit was iets prijziger dan we gedacht hadden.
  • We gingen zwemmen in het dorpje Godinje en bezochten de watervallen in Poseljani (die er nu wel een stuk droger bijlagen dan in 2018)
  • We genoten van elkaars aanwezigheid.
  • De dochters en ik vonden flink wat tijd om te lezen.
  • We gingen dagelijks uit eten met het hele gezin en betaalden hiervoor gemiddeld tussen de 50 en de 60 euro voor de hele troep.

mijneringen bij 4 jaar later

  • Handjes vasthouden duurt niet voor eeuwig. Rond hun 9e houden onze kinderen daar precies mee op. Waar ik in 2018 zelden beide handen vrij had, genoot ik nu extra intens van het handje van het kleinste sprotje in de mijne.
  • Sommige dingen veranderen nooit: 4 jaar geleden was ik doodsbang van de afgronden onderweg met de auto, daar was dit jaar niks, nada, niemendal aan veranderd.
  • ‘Papa, kijk dan naar mij!’ wordt ‘Papa, we gaan precies te snel voor mama.’
  • Gij zult altijd water en zakdoeken meepakken voor onderweg.
  • Wees mild en geduldig: Kijk naar de vlinders en de waterbeestjes, geniet van het gescharrel van de kinderen, reik handdoeken en drinkflessen aan, luister en sta versteld van de durf, de branie en van de liefdevolle manier waarop de kinderen met elkaar opgaan (op hun gezegende momenten).

2018 versus 2022

Berlijn met dochters

Gewapend met hun bullet journals (met hun voorbereiding, weet je wel) trok ik met grote zus van 10, kleine zus van 9 en het kleinste sprotje van 7 naar Berlijn. Met de trein. Wegens best wel betaalbaar en in mijn ogen iets meer overbrugbaar dan het vliegtuig als enige volwassene met een resempje kinderen. Als je graag leest, genummerde plaatsen boekt (doen!) en reisgezelschap meeneemt dat lezen ook als een prima tijdsbesteding beschouwt, is net geen 8 u reistijd best wel overbrugbaar.

Logeren deden we in https://huettenpalast.de/ , een charmant hotelletje in Neuköln (op wandelafstand van metrohalte Hermannplatz) , opgevat als loods met indoorcamping. Wij huurden 2 vrolijk geschilderde en netjes onderhouden caravans naast elkaar. Het was er erg rustig, met amper de helft van de campingplekken bezet. Die indruk had ik trouwens af en toe over Berlijn in het algemeen. Misschien omdat we er van woensdag tot zaterdag waren en daardoor de weekenddrukte wat konden vermijden.

Voor de kinderen was dit logement een absoluut schot in de roos. Zij genoten vooral van de schommelstoel en van in en uit hun caravan banjeren om te spelen en te lezen. Voor reizen met zelfstandige lagereschoolkinderen is dit echt een toplocatie.

Ik ben geen held in me oriënteren en heb er een absolute hekel aan om onderweg nog vanalles en nog wat op de telefoon te moeten opzoeken. 2 vooraf geplande bestemmingen per dag (met afgedrukte tickets) en een metro-app (Berlin Subway) die ons getipt was door een fijne collega die met zijn vriendin nog in Berlijn was toen wij er aankwamen en met wie we op woensdagavond gingen eten bij de prima Italiaan http://www.gallonero-berlin.de/ bleken voldoende om het met niet meer dan een occasioneel verdwaalstressje in mijn zijn eentje te redden.

Voor mij was het de eerste keer dat ik er als enige volwassene met een aantal van mijn kinderen op uit trok. Reizen met kinderen is vermoeiender als je de enige grote mens bent. Da’s zeker. En reizen met vrienden en hun kinderen is absoluut heerlijk. Toch raad ik iedereen aan om dit ook eens te doen met kinderen die nog echt kinderen zijn en gewoon zoveel mogelijk bij jou willen zijn.

Ik vond het heerlijk om te zien hoe de meisjes de treinrit heen en terug uit hebben gezeten door te lezen, te schrijven en heen en weer te lopen in de trein zonder een enkele keer te zeuren om schermtijd. (Die was er niet, dat wisten ze op voorhand.) Grote zus en kleine zus schelen maar een dik jaar in leeftijd en kunnen dus min of meer hetzelfde aan, zowel wat dingen verstaan als wat fysieke fitheid betreft (grote zus kan meer, maar is fijngevoelig genoeg om haar tempo aan te passen.) Het kleinste sprotje wentelde zich af en toen in haar rol van ‘kakkenestje’ en kreeg het voor elkaar dat ze elke nacht bij mij in de caravan mocht slapen terwijl we eerst hadden afgesproken om te wisselen, maar ook dat verliep zonder grote problemen.

Het boek Mijn Berlijn van de Nederlandse blogster Marjolein van der Kolk heeft bij ons een vast plekje in de gezinsbib. Daar was op voorhand naarstig in gebladerd op zoek naar leuke uitjes.

Ook van zinnens om naar Berlijn te gaan (al dan niet in het gezelschap van je kinderen)? Deze plekjes zijn het bezoeken waard. Mooi onderhouden speeltuinen vind je overal. Laat je wat dat betreft gewoon even verrassen. Voor fijne tentoonstellingen en leuke eetplekjes doe ik wel graag wat research op voorhand:

  • Joods Museum : Erg ruim en verscheiden. Je kunt er gewoon even in rondstruinen om de algemene sfeer op te snuiven, maar er is ook best wat interactiefs te ontdekken. Tickets zijn gratis, maar moet je wel op voorhand boeken. Voor het speciaal op kinderen gerichte deel van het museum Anoha dat vorige zomer openging waren geen tickets meer beschikbaar (da’s voor de volgende keer.) In het café kon ik bovendien mijn gsm opladen, want met al dat navigeren neem je best een ladertje voor onderweg mee. (Die had ik bij, maar had ik in het logement laten liggen. )
  • Humboldt Forum : Wat een plek is dat? Grote zus wilde hier per se naartoe nadat ze over Alexander von Humboldt had gelezen in ‘De H van Humboldt’ van Barbara Rottiers. Wij bezochten de tentoonstelling van ‘Berlin Global’ en waren hier dik 2 uur mee in de weer. Opnieuw heel veel interactiefs te beleven. Met koptelefoons en invulboekjes (moeder, gij zult vertalen) .
  • Tierpark Berlin, een evergreen waar ik bij mijn vorige Berlijnbezoek ook een fijne middag beleefde. Denk aan eender welke mooie dierentuin waar je ooit eens was maar dan zonder wachtrijen. (Heerlijk he!)
  • Koffiebar Coffee Lab . Wat een heerlijk plekje was dit. Piepklein, maar erg lekker en met 100 % vakmanschap gemaakt. We hadden hier een heerlijk ontbijt met koffie voor mij, sapjes voor de meisjes en heel lekkere bagels en croissant met ham en kaas. Ook Anna Blume was een fijn ontbijtplekje.

Waar wacht je nog op? Hup, je moest als weg zijn.