Middenin

De sint kwam langs en bracht chocolade en knutsel- en bulletgerief voor de meisjes. Voor de jongens komt er voor grote broer nog een ‘loopstoel’ om de wachttijd voor de start van de veldlopen op af te wachten en werkgerief of iets voor zijn dieren voor kleine broer. (Maar daarvoor gaan ze na de examens zelf naar de winkel.)

Hier wordt ondertussen gestudeerd en gepland voor examens en grote toetsen. Hier wordt gepraat, gelachen en geleefd.

Met 5 tieners in huis is het leven anders geworden. De band met de kinderen is innig gebleven, terwijl het redderen en sussen en blussen steeds minder energie vraagt. School (van brooddozen vullen en sportgerief meegeven tot opvolgen hoe het zit met Frans, wiskunde en project) neemt evenwel een flinke hap uit mijn energiebudget.

Ik kan me er soms onzeker over voelen in hoeverre ik op dit vlak enkel moet toekijken en supporteren of actief mee tools moet aanreiken om de boel georganiseerd te krijgen en aan elk kind de kans te geven om ook op vlak van leerpotentieel zijn beste zelf te worden.

Thuis is een plek waar de kinderen alle 5 graag zijn en daar gaat het hem in essentie om. Geen groter geluk voor mij dan mee te genieten van de vrienden en vriendinnen en neefjes en nichtjes die hier graag en vaak komen.

Zien hoe wegen veranderen en hoe de relaties die de kinderen met vrienden hebben soms onverwachte kronkels maken vraagt geloof en vertrouwen. Dit hoort bij hoe het leven loopt. Een 10-jarige is geen 15-jarige, sommige kinderen hebben genoeg aan één allerbeste vriendin die er altijd al was en kijken op school de (vrienden)kat uit de boom, andere kinderen hebben een duidelijke missie: ‘Ik ga naar het middelbaar en ik wil zo graag nieuwe vrienden maken.’

Aan alles voel ik dat ik niet voor altijd in deze mooie tussenfase tussen 5 kleine kinderen onder de 6 jaar en 5 prachtige volwassenen die op eigen benen staan, kan blijven vertoeven. Het huis wordt dra te klein, de afspraken over telefoongebruik en eet- en slaapgewoontes te streng. De draad die ons verbindt, beschrijft een steeds grotere actieradius.

Voorlopig is het echter heerlijk zoals het is.

Onze oudste is een sportman voor wie zijn atletiek altijd op de eerste plaats komt. Het komt voorlopig niet bij hem om op de lappen te gaan met vrienden of veel te laat in bed te kruipen. De rest van het gezin volgt in zijn kielzog.

Manlief en ik leven het leven van gelukkige grote mensen en zitten ’s morgens en ’s avonds samen met onze kroost aan tafel om te praten over tijden op de 10 km hardlopen, fratsen op school en over onze zomerreis naar Albanië.

We breken ons het hoofd over zoekgeraakte schoolagenda, vergeten ortho-afspraken, raken bibboeken kwijt, maar kussen dagelijks onze pollekes omdat het goed gaat. Oprecht goed.

Grote broer, grote zus, kleine broer en zus en het kleinste sprotje vinden hun weg en wij deinen met hen mee op de dagen.

Ik heb energie over om mee vorm te geven aan de prachtige school waar ik werk, om dingen in perspectief te zien en om weten dat ik niet perfect ben en niet alles even goed kan. Maar voorlopig, voorlopig is het helemaal goed zo.